Twitter, Facebook of toch Edmodo?

Social media in het onderwijs

Social media in het onderwijs gebruiken?

Scholen hebben vaak het gevoel ‘iets te moeten doen met social media’ maar weten niet goed hoe ze dat moeten doen. Jammer, want met social media zet je de school op de kaart.   Het gebruik van social media in de les, maar ook daarbuiten kan ook heel veel voordelen opleveren.
Ik heb in het verleden wel eens een Facebook groep aangemaakt en een Facebook pagina voor mijn eigen lessen, maar schrok eigenlijk direct van het ‘resultaat’. Niet alle ouders vonden het zo’n goed idee dat hun zoon of dochter van school op Facebook moest. Ja, daar sta je dan met al je enthousiasme. Sociaal leren is toch vanzelfsprekend? Maar de ouders hebben natuurlijk ook wel weer gelijk. Als school kun je het niet ‘verkopen’ dat de leerlingen verplicht op Facebook of Twitter moeten met alle gevaren van dien.

Het veilige alternatief voor Facebook:

EdmodoEdmodo (zie onderaan deze post) was voor mij het walhalla. Alles wat ik wilde bereiken met social media kon ik nu wel inzetten als een gewone onderwijstool. Hier konden de ouders niets van zeggen! Waarom dan wel? Heel simpel: Ik kan namelijk met Edmodo groepen aanmaken (net als Facebook), maar nu heb ik wel alles zelf in de hand. Leerlingen kunnen nooit een bericht aan een klasgenoot alleen plaatsen (anti-pesten!) en als docent kun je zelfs bepalen of er überhaupt wel iets gepost mag worden door leerlingen in je groep. De schoolleiding hoefde ik ook niet te informeren over mijn onderwijstool (Het is ‘maar’ een tool en het is gratis en in het Nederlands). Daarbij kun je ook nog veel meer schoolse zaken regelen met Edmodo. Ik zet er wat op een rijtje:

  • Toetsen afnemen en (desgewenst gedeeltelijk) automatisch laten nakijken.
  • Differentiëren door subgroepen aan te maken.
  • Ingeleverde opdrachten beheren (wie heeft wat en wanneer ingeleverd)
  • Interessante informatie delen met leerlingen om zo de lesstof te verdiepen.
  • Ouders online informeren (denk eens aan al die formulieren die kinderen ‘meenemen’ naar hun ouders en thuis nooit halen).
  • Samenwerken met collega’s.
  • Informatie delen met docenten uit de hele wereld.
  • Rubrics gebruiken om werkstukken eerlijk te beoordelen en zo de resultaten te bevriezen.
  • etc, etc

Gebruik je Edmodo nog niet in je les en wil je zelf eens gratis Edmodo uitproberen? klik hier. 


Facebook: Voor, tijdens of na de les? Ken je leerlingen!

http://www.ralfhillebrand.nl/social-media/facebook-voor-tijdens-of-na-de-les/Ik hoor je denken, wat moet ik met al die onzinnige berichten van studenten waarin ze laten weten wat ze dit weekend gaan doen, hoe hun vakantie is, wat ze eten en wanneer ze gaan slapen…….. Nou niets of misschien toch wel? Het klopt dat als je als docent op facebook “vrienden” wordt met je studenten je dit soort berichten tegen komt, je hoeft ze echter niet te lezen. Wat dan wel jammer is is dat er een hoop informatie die van belang kan zijn bij de begeleiding van je studenten verloren gaat.

Zelf feliciteer ik altijd de jarigen via facebook maar ook met het behalen van hun rijbewijs of andere belangrijke gebeurtenissen. Ik bekijk facebook drie tot vier keer per dag. Het aantal nieuwe berichten is dan beperkt. Het leuke aan feliciteren en complimenteren via facebook is dat het zorgt voor een andere dynamiek in de klas. Studenten die je ‘s ochtends vroeg feliciteert komen anders je lokaal binnen. Ze waarderen je betrokkenheid!
Lees het hele artikel op: Facebook: Voor, tijdens of na de les? | Docent 24/7


Twitter om contact met de ouders te versterken:

Een mooi voorbeeld van de St. Maartenschool:

St. Maartenschool on Twitter

Beste ouder(s)/verzorger(s). Graag willen we uw mening weten over de kwaliteit van het onderwijs aan uw kind…. http://fb.me/2rcm0tgxw

 

Social media gebruik op school heeft echter ook risico’s!

Er kleven natuurlijk ook de nodige ‘gevaren’ aan het gebruik van social media. Je plaatst namelijk wel berichten in een kwetsbare en beïnvloedbare groep; je leerlingen. Je moet je dus wel altijd bewust zijn van het feit dat je leerlingen ‘meekijken’. Je moet je dus afvragen? Wil ik dat wel? Dit kwam recentelijk in het nieuws:

Hitsig appje leraar per ongeluk naar leerlingen

http://nos.nl/artikel/2061507-hitsig-appje-leraar-per-ongeluk-naar-leerlingen.htmlEen leraar van een scholengemeenschap in Horn is pijnlijk in de fout gegaan met het sturen van een whatsappje. Hij voerde een erotisch getint gesprek met zijn partner, maar stuurde een foto van zijn geslachtsdeel per ongeluk naar leerlingen in een … Hitsig appje leraar per ongeluk naar leerlingen


  • Als docent actief zijn op Facebook, is dat eigenlijk een goed idee?
  • En welke informatie moet je dan wel en niet op je profielpagina plaatsen?
  • Is het verstandig als docenten actief zijn op Facebook?
  • Moet je als docent vriendschapsverzoeken van studenten toestaan?
  • En welke informatie kun je beter wel en beter niet plaatsen op je profielpagina?


Toestaan of verbieden?

Juridische vraag: kan school Facebook verplichten?

https://www.security.nl/posting/428374/Juridische+vraag%3A+kan+school+Facebook+verplichten%3FVraag: Op de basisschool van mijn kind (groep 7 en 8) wordt af en toe gewerkt met sites als Facebook of WhatsApp, bijvoorbeeld om foto’s van schooluitjes te delen of leerlingen samen te laten werken aan een opdracht. Dat heet dan ‘mediawijsheid’ maar ik vind het geen prettig idee dat mijn kind van 11 aan zo’n dienst ‘moet’. Ik heb de school al gewezen op de minimumleeftijd van 13 jaar die die diensten hanteren, maar men zegt dat dat alleen in Amerika geldt. Klopt dat, en hoe kan ik de school toch tegengas geven?

Mag dat zomaar?
De vraag is dan dus, is het normaal om op je 11e op WhatsApp of Facebook te gaan zitten? Ik denk van niet, maar ik ken eerlijk gezegd ook geen onderzoek naar die leeftijdsverdelingen. Dat betekent dan dat er toestemming van de ouders nodig is. De vraagsteller kan dus weigeren zijn kind een Facebook- of WhatsApp-account te geven, en de school kan dan op haar hoofd gaan staan maar het gebeurt niet.
Juridisch dan. Want praktisch gezien stel je je kind best wel op een achterstand: hij mist de interactie via die groep, misschien wel huiswerk. En dat is op die leeftijd behoorlijk vervelend. Ook sta je dan al snel bekend als dat kind met die gekke vader of moeder, want wat is immers het probleem met Feesboek, dat gebruikt toch iedereen?
Lees het hele artikel op: Juridische vraag: kan school Facebook verplichten? – Security.NL

In plaats van de boel te verbieden, lijkt het mij zinvoller dat de directies (en leerkrachten) zich meer in de instellingen van Facebook verdiepen. Want je kunt echt zelf bepalen wie wat van jou ziet. Behalve wat Facebook zelf betreft dan, want die ziet alles natuurlijk.


Edmodo, wat het is en dat het werkt:

https://fdroog.wordpress.com/2012/12/26/edmodo-wat-het-is-en-dat-het-werkt/Wat is Edmodo?
“Where learning happens. Edmodo helps connect all learners with the people and resources needed to reach their full potential.”

Edmodo wordt wel de facebook van het onderwijs genoemd. En dat is het ook. Aan deze informatie heb je natuurlijk weinig als je niet bekend bent met facebook. Wat betekent dit dus?

Edmodo werkt met posts ofwel nota’s, ofwel berichten, die gericht gestuurd kunnen worden aan alle groepen, één groep, een subgroep of een individuele leerling. De nota’s kunnen worden gebruikt om mededelingen van verschillende aard te doen. De keuze aan wie je het bericht richt is in de praktijk een hele fijne gebleken. Ik kan eenvoudig naar meerdere klassen tegelijk een mededeling doen of juist gericht een aantal leerlingen aanspreken zonder dat een gehele klas hiermee wordt geconfronteerd. Dit laatste maakt het mogelijk gedifferentieerd les te geven te geven op het niveau van groepen of zelfs individueel.

Edmodo werkt met opdrachten, die voorzien kunnen worden van een toelichting en een inleverdatum.

Edmodo werkt met polls, ofwel enquêtes, die online gezet kunnen worden. Dit kan handig zijn om de kennis te peilen, maar ook om de visies meningen van leerlingen te peilen.

Edmodo werkt met quizzes, ofwel toetsen, die afgenomen kunnen worden en beoordeeld binnen Edmodo. De beoordelingen worden automatisch verzameld en geanalyseerd en zijn per leerling terug te zien op de ‘progress’ pagina.

Edmodo werkt met mappen. Hierin kan eenvoudig lesmateriaal worden geplaatst en geordend. Leerlingen kunnen mappen gebruiken om hun eigen materialen te verzamelen zodat ze deze altijd bij de hand hebben

Edmodo heeft ook de mogelijkheid om ouders, via een aparte code, toegang te geven tot de gegevens van hun kind. De ouder ziet alleen de berichten gericht aan de klas of het kind en kan zelf instellen of zij via email updates wil ontvangen over nota’s, waarschuwingen en opdrachten. Deze optie heb ik zelf nog niet gebruikt, maar biedt zeker mogelijkheden die de moeite waard zijn.

Edmodo is ook nog eens een online community. Dit betekent dat er via Edmodo contact gelegd kan worden met allerlei groepen met gedeelde interesses. Als gebruiker kun je een groep aanmaken of je aansluiten bij een bestaande groep. Klik op de figuur links om een aantal groepen te zien waarbij ik ben aangesloten.

Edmodo is een grote speler in het veld van de Learning Management Solutions (LMS). Er zijn ongeveer 50 miljoen!! gebruikers actief.  Er hoeft dus geen angst te zijn dat dit platform ineens zou verdwijnen. Edmodo, wat het is en dat het werkt. | Droog’s

Zelf aan de slag met Edmodo? Ik help je graag op weg!

Enzo Knol en zijn invloed op onze leerlingen

http://www.trouw.nl/tr/nl/4492/Nederland/article/detail/3815498/2014/12/26/Enzo-Knol-Ik-laat-je-lachen-sowieso.dhtml

Ruim 450.000 kinderen en jongeren kijken elke dag naar een filmpje van Enzo Knol op YouTube. Hij is gepest, hij ziet zijn vader niet meer. Zijn belangrijkste boodschap: blijf positief.
Enzo is een vlogger, een betrekkelijk nieuw vak.

Enzo is een vlogger, een betrekkelijk nieuw vak waarvoor hijzelf de volgende definitie hanteert: “Ik vind zelf dat een vlogger iemand is die elke dag een video maakt van zijn eigen leven. Zomaar praten tegen een camera noem ik geen vlog. Je laat zien wat je doet en je vertelt iets over jezelf.”

De eerste vlogs waren een paar minuten lang, nu zijn ze gemiddeld een kwartier. “Voor de kijkers was dat ook nieuw, maar die vonden ze zo leuk dat ze bleven hangen. Die van mijn verjaardag was zelfs 46 minuten en die is ontzettend goed bekeken.” Het fascinerende is dat er in zijn filmjes helemaal niet zo vreselijk veel gebeurt. Enzo staat op, hij drinkt limonade, zijn vrolijke vriendin Dee gaat taartjes bakken, ze halen haar broertje Quin op van voetbal, hij leegt de vuilnisbak, hij breekt zijn arm, hij steekt zijn vuist omhoog: Knolpower!En Enzo praat, hij praat, zonder haperingen. Elke zin brengt hij tot een goed einde, op de video en thuis, ‘terwijl ik vroeger helemaal geen prater was!” [social_quote duplicate=”no” align=”default”]Hij eindigt steevast met ‘dikke vette peace’, vaak gebruikt hij ‘nice’ en ‘awesome’, sommige dingen zijn ‘fucking'[/social_quote] – en dat is dan ook meteen zijn ergste krachtterm.

Hij is voor zijn fans de jongen die altijd positief is. En een lolbroek, vroeger op school, nu op zijn eigen YouTubekanaal, waar hij om zeven uur ‘s avonds ook nog een gamevideo op zet. Twee video’s per dag. Enzo haalt de laptop erbij om de ‘kijkcijfers’ te laten zien. Vanaf de dag dat hij zijn eerste filmpje de lucht in stuurde – 13 juni 2013 – gaat de lijn alleen maar naar boven. Knol heeft nu 470.000 abonnees en zijn video’s worden inmiddels zo’n 20 miljoen keer per maand bekeken door jonge mensen tussen de zes en twintig. “Mensen denken dat ik een mooie jongen ben, en dat er alleen maar meisjes op mij afkomen, maar het merendeel, 70 procent, is jongen.”Hoe dan ook: “Steeds meer mensen weten wanneer Enzo komt, ze weten wat ze kunnen verwachten en ze weten dat ze kunnen lachen.

Het is heel duidelijk: ik beloof dat er elke dag twee video’s komen. En die belofte maak ik waar, ik heb heel weinig gemist. Ik ben heel voorspelbaar. Maar mijn grootste kracht is de interactie met de kijkers. Soms zit ik wel een uur lang te reageren op Twitter. Ik haal daar ook onderwerpen uit, zij zijn mijn grootste inspiratiebron.”De Hilversumse vlogger weet dat hij invloed heeft op zijn jonge publiek. Daar houdt hij rekening mee, bijvoorbeeld als hij vertelt over zijn eigen schoolcarriére.

Hij hopte van vmbo-t naar kader, naar beroepsgericht en terug. “Ik deed niks, ik kon niet stilzitten, ik tikte steeds met mijn voeten tegen de vloer. Ik was ontzettend druk, ik voelde veel van binnen maar ik wist niet hoe ik dat moest uiten, dat deed ik via grapjes. Ik was altijd de clown van de klas, ik heb een aanstekelijke lach, zeggen ze.” [social_quote duplicate=”no” align=”default”]Enzo Knol: Met school vlotte het niet, ging eraf zonder diploma[/social_quote]

Hij is een vroegtijdig schoolverlater. Enzo Knol: ‘Ik laat je lachen, sowieso’ – Nederland – TROUW

TwinQ-onderzoek: top 10 websites van kinderen en jongeren in 2014 YouTube, Facebook en Google domineren http://www.kidsenjongeren.nl/media/twinq-onderzoek-top-10-websites-2014/

Marketingonderzoek en –adviesbureau TwinQ heeft een grootschalig en diepgaand kwalitatief en kwantitatief onderzoek* uitgevoerd naar de belevingswereld van kinderen en jongeren anno nu, en ik mag hier exclusief de resultaten uit het deel over media met je delen. Eerder zag je al overzichten van de populairste games, de meest geliefde apps en de favoriete tv-programma’s en als laatste in deze serie staan hieronder websites centraal. Grofweg kan gesteld worden dat bij kinderen spelletjessites favoriet zijn en bij jongeren sociale media en nieuwssites meer aanspreken.

Bij alle leeftijden staan YouTube, Facebook en Google hoog in het lijstje. Angela Weghorst van TwinQ legt uit waarom: “YouTube wordt gebruikt om leuke filmpjes te bekijken, muziek te luisteren of informatie op te zoeken. [social_quote duplicate=”no” align=”default”]Met name bij jongens rond de 12 jaar zijn vloggers als Enzo Knol favoriet[/social_quote] TwinQ-onderzoek (4): top 10 websites van kinderen en jongeren in 2014 YouTube, Facebook en Google domineren – Trends in Kids- & Jongerenmarketing

Waarom de populaire youtuber Enzo Knol belaagd wordt door fanshttp://allesoverjongeren.nl/youtuber-belaagd-door-fans/

Die Enzo Knol lijkt een doodnormale jongen, wat maakt hem dan zo bijzonder? Tja, deze vraag kan je eigenlijk stellen bij elke willekeurige celebrity. Het hele guy next door imago werkt juist altijd erg goed. Enzo is niet geliefd omdat hij bijzonder is, maar omdat jongeren hem leren kennen via zijn YouTube kanaal. Hij kiest ervoor om in de openbaarheid te treden met zijn persoonlijkheid. Bekend maakt nou eenmaal bemind.

‘In the future everybody will be world famous for fifteen minutes,’ zei Andy Warhol al in 1968. Je kan inmiddels concluderen dat hij gelijk had. Programma’s zoals Idols, maar ook allerlei reality shows hebben ervoor gezorgd dat ‘de gewone mens’ heel snel beroemd kan worden. [social_quote duplicate=”yes” align=”default”]Met de juiste timing en marketing is het mogelijk om van iemand een ster te maken[/social_quote]
Youtubers maken hier gebruik van.

Hoewel de filmpjes van Youtubers heel spontaan en oprecht lijken, zit hier vaak een team achter wat de Youtubers ondersteunt. Social1nfluencers is bijvoorbeeld een bureau wat jonge vloggers helpt bij het bepalen van hun strategie. Meestal wordt deze strategie zo ingezet dat kijkers niet het idee hebben dat alles volledig is geregisseerd. Overigens weet ik niet of dit bij Enzo Knol ook van toepassing is. Lees verder : Waarom de populaire youtuber Enzo Knol belaagd wordt door fans

 

Meer dan 20 Tips om Facebook te gebruiken voor je klas

 

Zo gebruik je een Facebookgroep in de klas

Facebook is eenvoudig te gebruiken binnen het onderwijs. Het is gratis en de meeste leerlingen hebben al een profiel. Facebook biedt bovendien een handige optie voor docenten en leerlingen om samen een groep te vormen. Facebookgroepen zijn speciaal bedoeld voor de communicatie tussen mensen met een gemeenschappelijke interesse. Om een groep te maken, is wel een persoonlijk profiel nodig. Maar leden van de groep hoeven geen Facebookvrienden van elkaar te zijn en wanneer een profielpagina is afgeschermd, kunnen zij elkaars tijdlijn niet bekijken.

Een Facebookgroep kan gebruikt worden voor de praktische communicatie met een groep leerlingen, zoals het doorgeven van roosterwijzigingen en reminders voor repetities en werkstukken. Daarnaast zijn er allerlei mogelijkheden om via de Facebookgroep het onderwijsaanbod te verbreden. Een docent kan bijvoorbeeld voor de les alvast een toepasselijk filmpje of een interessante uitspraak posten, aansluitend bij het lesonderwerp. Of leerlingen tot co-auteurs van het lesmateriaal maken door een discussie te starten, of hen te stimuleren om elkaar interessante boeken, sites of filmpjes te tippen. Of leerlingen werkstukken en foto/video opdrachten te laten plaatsen en de rest van de klas te laten reageren. Zo gebruik je een Facebookgroep in de klas


Maandag – Facebook met gebruik van Groepen on Vimeo

https://vimeo.com/63555445

Wederom een duidelijke goede video uitleg van Maandag:

Maandag – Facebook met gebruik van Groepen on Vimeo


 

Infographic: 12 Tips om Facebook te gebruiken voor je klas

how-to-setup-facebook-pageThe potential of social networking sites in education is growing bigger and bigger and all the recent PEW Internet reports released in the past couple of years underscore this fact. Our students spend much more time interacting on these platforms than they do anywhere else online. Facebook comes at the top of the list of the most frequented social networking websites by teenagers. And though some educators still have some concerns regarding the use of this platform with students, still Facebook can be a great learning space if used properly. One of the ways you can use Facebook in your teaching is through creating a Facebook group or page for your class. There are several reasons why you should consider setting up a classroom Facebook page. First, [social_quote duplicate=”yes” align=”default”]most students love Facebook[/social_quote] so they are already familiar with how it works. In trying to contribute to their Facebook page, students will be drawing on different skills: writing, searching, curating, and sharing.They will also get to learn collaboratively and sharpen their digital literacy skills.Additionally, participation in such informal learning platforms, students get to develop social and emotional intelligence which is pivotal to their overall personality development.
Facebook comes at the top of the list of the most frequented social networking websites by teenagers. One of the ways you can use Facebook in your teaching is through creating a Facebook group or page for your class.

In trying to contribute to their Facebook page, students will be drawing on different skills: writing, searching, curating, and sharing.They will also get to learn collaboratively and sharpen their digital literacy skills.Additionally, participation in such informal learning platforms, students get to develop social and emotional intelligence which is pivotal to their overall personality development. Lees verder…


 

[social_quote duplicate=”yes” align=”default”]Mag de school zomaar fotos van mijn kind op Facebook plaatsen?[/social_quote]

http://blog.iusmentis.com/2013/07/29/gastpost-mag-de-school-zomaar-fotos-van-mijn-kind-op-facebook-plaatsen/Een foto zegt meer dan 1000 woorden aan persoonsomschrijving. Zo is uit een foto het ras van de afgebeelde persoon te achterhalen. En dat soort gevoelige gegevens vormen in de Wet bescherming persoonsgegevens ‘bijzondere persoonsgegevens’ (artikel 16 voor de liefhebbers) en genieten extra bescherming.

Een foto van een kind biedt dus teveel persoonlijke informatie om zomaar gedeeld te mogen worden zonder goedkeuring van de ouders. Uit onze Wet bescherming persoonsgegevens volgt dan ook: zonder uitdrukkelijke toestemming van de ouders mag zo’n foto van je kind niet online geplaatst worden. Pas zodra je spruit 16 is geworden, kan de school bij het kind zelf terecht voor toestemming. Toestemming die je eerder al gegeven hebt, kun je later trouwens intrekken.

Maar toestemming van de ouders is niet genoeg. Los daarvan heeft de school aanvullende verplichtingen om de privacy van haar leerlingen te beschermen. Op de school rust bijvoorbeeld de verplichting om de gegevens af te schermen van onbevoegden en zoekmachines.

Het Cbp noemt de optie van een wachtwoord op een site zetten, maar met een geheime en besloten groep op Facebook voldoe je hier waarschijnlijk ook aan. Zulke groepen worden niet gevonden binnen de Facebook zoekopties en zoekmachines. Anderen kunnen de inhoud van de groep niet zien en ook niet wie er lid van is. Bovendien kun je je alleen aansluiten bij die groep op uitnodiging van de groepsbeheerder. Gastpost: Mag de school zomaar fotos van mijn kind op Facebook plaatsen?


 

Facebook in de les, doe je dat?

http://www.didactiefonline.nl/deze-maand-in-didactief/47-uncategorised/11726-twitter-en-facebook-in-de-les-hoe-doe-je-dat[social_quote duplicate=”yes” align=”default”]Driekwart van de tieners zou meer gebruik van sociale media in de les leuk vinden en een kwart wil dit liever niet[/social_quote]. Dit blijkt uit het onderzoek ‘Samen leren – tieners en sociale media’ van Mijn Kind Online en Kennisnet uit juli 2013 onder 1.500 scholieren tussen 10 en 18 jaar in het basis- en voortgezet onderwijs. De tegenstanders vrezen dat het te onrustig wordt, er teveel informatie over het digibord vliegt en dat het afleidt van de leerstof. Volgens de liefhebbers maakt het de lessen juist interessanter, minder saai, afwisselend en interactief. Toch vindt maar 13 procent van de jongeren het belangrijk dat een leraar sociale media gebruikt. Het belangrijkst is dat een leraar goed uit kan leggen, 84 procent noemt dit.

Remco Pijpers, directeur van de stichting Mijn Kind Online, stelt dat sociale media een hulpmiddel kunnen zijn om onderwijsdoelen te bereiken. ‘Bij wereldoriëntatie kun je via sociale media contact leggen met een klas in Suriname. Dan helpt het om de betrokkenheid van leerlingen te vergroten en de buitenwereld de klas in te krijgen.’

Een op de vier leraren op basisscholen gebruikt dagelijks tot wekelijks sociale media in de les. In het voortgezet onderwijs geldt dat voor 29 procent van de leraren. Dit blijkt uit de Vier in Balans Monitor 2013 van Kennisnet. Als sociale media in de les worden gebruikt, is dat vooral YouTube met 47 procent, volgens de tieners uit het onderzoek over sociale media. Facebook wordt volgens 5 procent in de klas gebruikt en 3 procent noemt Twitter en dan vooral bij Nederlands en maatschappijleer. Die cijfers bevestigen het beeld van Pijpers. ‘Ik heb niet de indruk dat scholen hier massaal gebruik van maken, maar het neemt wel toe.’

Voor scholen die willen starten met sociale media in de les hebben Kennisnet en Mijn Kind Online publicaties uitgebracht met tips, protocollen en stappenplannen. In de brochure Sociale Media staat het advies om als school een sociale mediaprotocol te maken waarin staat wat de school wil met sociale media en waarom. Bepaal van tevoren of je als school alleen een extra online visitekaartje wilt of een uithangbord voor schoolactiviteiten, of wil je sociale media integreren in de lessen. Stel een ‘community manager’ aan, die binnen de school eindverantwoordelijk is voor de coördinatie van sociale media.

Twitter en Facebook in de les, hoe doe je dat?


Workshop of online training volgen om actief gebruik te maken van Facebook ? klik hier

 

Digitaal toetsen en kwaliteitsborging. Waar moet je op letten?

Scholen herkennen de voordelen van het gebruik van een digitaal toetsservicesysteem. Genoemd worden de eenvoudige, webbasedafname van toetsen, de directe feedback voor de studenten, de mogelijkheid van kwaliteitsverbetering door een automatische analyse van toetsresultaten, de mogelijkheid van een gelijktijdige afname op verschillende locaties, het gebruikmaken van een groter scala aan media, zoals video en plaatjes, en de vermindering van organisatielast en werkdruk. Stichting Praktijkleren: Nieuwsupdate digitaal toetsen

Digitaal toetsen en kwaliteit

Digitaal toetsen kan op verschillende manieren bijdragen aan de kwaliteit van het hoger onderwijs. Een greep uit de mogelijke effecten:[social_quote duplicate=”yes” align=”default”] verbetering van de studievoortgang, verhogen van de kwaliteit van toetsvragen en vermindering van de werkdruk voor docenten.[/social_quote]

Steeds meer hogeronderwijsinstellingen richten zich op digitaal toetsen. Waar het gaat om samenwerken aan digitaal toetsen is er nog betrekkelijk weinig ervaring. SURF ontwikkelt en deelt kennis en ervaring op het gebied van samenwerken aan digitaal toetsen:

Instellingsoverstijgend samenwerken

Een van de voordelen van digitaal toetsen is dat onderwijsinstellingen ook onderling online kunnen samenwerken. Hier wordt op dit moment onderzoek naar gedaan. Zie ook de stand van zaken en toetsen nakijken wie doet dat nog?

Het programma Toetsing en Toetsgestuurd Leren (TTL) onderzoekt welke positieve effecten instellingsoverstijgend samenwerken aan digitaal toetsen heeft op het studiesucces van studenten, de werkdruk van docenten en de kwaliteit van toetsen. SURF voert het programma sinds 2010 uit. SURF | Digitaal toetsen

Een vragenbank opzetten bij digitaal toetsen

Een vragenbank, ook wel itembank genoemd is een middel om toetsvragen te kunnen opslaan en hergebruiken. Bij het ontwerpen van een databank moet er bovenal op gelet worden dat er een duidelijke en consistente structuur aanwezig is. Deze wordt meestal weergegeven door een boomstructuur. Per vak kunnen er verschillende onderwerpen onderscheiden worden en bij die onderwerpen horen vanzelfsprekend vragen. Het is interessant om de vragen een bepaalde moeilijkheidsgraad mee te geven. Zo vermijdt men dat er te makkelijke of te moeilijke toetsen gegenereerd worden. Belangrijk is voor officiele examens (summatieve toetsing) dat de oude versie van het examen bewaard blijft. Daarnaast mogen tussentijdse wijzigingen in de vragenbank niet leiden tot foutmeldingen in een klaarstaand examen. Het is ook mogelijk vragen te structureren naargelang de soort: kennis-, inzicht-, denk- of toepassingsvragen zijn maar enkele mogelijkheden. Ook de vraagvormen kunnen onderscheiden worden, daarover hieronder meer. Onderwijstechnologie/Klastechnologie/Digitaal toetsen – Wikibooks

Voordelen digitaal toetsen

Wanneer het op een juiste manier geïmplementeerd wordt kan digitaal toetsen een aantal praktische voordelen hebben, zoals meer efficiënte toetsing, lagere kosten met betrekking tot printen en transport, automatische opslag van toetsresultaten en automatische scoring van resultaten. Ook kunnen digitale toetsen bepaalde didactische voordelen met zich meebrengen. Zie hieronder een overzicht van de belangrijkste praktische en didactische voordelen van digitale toetsen:

De belangrijkste praktische en didactische voordelen van digitale toetsen:

Kostenbesparing op druk- en vervoerkosten.
Hogere toetsbeveiliging, met name bij summatieve toetsing van groot belang.
Automatische scoring en objectieve scoring, wat leidt tot verlaagde kosten doordat menselijke beoordelaars niet meer nodig zijn.
De mogelijkheid om toetsen af te nemen aan een grote groep leerlingen.
Meer efficiëntie in metingen, kortere toetstijd met name wanneer adaptief getoetst wordt.

Interactie tussen de leerling en de computer, de computer kan automatisch feedback genereren op basis van de respons van de leerling.
De mogelijkheid om direct feedback te geven aan leerlingen.
De mogelijkheid om leerkrachten snel te informeren over de prestaties van leerlingen.
Flexibiliteit met betrekking tot waar en wanneer de toets wordt gemaakt.
Mogelijkheid tot gebruik van innovatieve en meer authentieke item types.
De mogelijkheid om de moeilijkheid van het item af te stemmen op de vaardigheid van de leerling-adaptief toetsen.
Voordelen digitaal toetsen – Kennisnet

Digitale toetsen: waar moet je op letten?

http://4w.kennisnet.nl/artikelen/2014/03/19/digitale-toetsen-waar-moet-je-op-letten/Zijn digitale toetsen even betrouwbaar en valide als papieren toetsen? In 1993 is hiernaar een grootschalig onderzoek verricht (Mead & Drasgow, 1993). Hieruit bleek dat het digitaliseren van een papieren toets (dus: het op een computerscherm presenteren van de vragen) geen effect heeft op de betrouwbaarheid. De betrouwbaarheid van een toets – digitaal én op papier – hangt af van de inhoud en van het ontwerp van de toetsvragen. Wat dit laatste betreft is er sinds het onderzoek uit 1993 veel meer mogelijk geworden. En dat roept nieuwe vragen op, zoals hoe al die multimedia het beste op een scherm gepresenteerd kan worden. De centrale vraag van dit artikel is dan ook: hoe moeten de vragen in multimediale toetsen eruitzien om de betrouwbaarheid en validiteit van de toets te garanderen? Het volledige antwoord hierop kunnen wij op dit moment niet geven, omdat er nog weinig systematisch onderzoek heeft plaatsgevonden naar de effecten van (nieuwe vormen van) digitale toetsen. Op grond van een eerste onderzoek (Jarodzka et al., ingediend) naar het ontwerp van een gedigitaliseerde toets kunnen we echter toch al een paar algemene conclusies trekken.

In dit onderzoek is gekeken of de principes die ten grondslag liggen aan effectieve digitale leermaterialen ook bruikbaar zijn voor digitale toetsen. Uit theorieën over informatieverwerking is bekend dat onze cognitieve capaciteit om informatie actief te verwerken beperkt is, en dat wij die informatie alleen gedurende een beperkte tijd kunnen vasthouden. Effectieve multimediale leermaterialen houden hier rekening mee en zijn zo ontworpen dat de cognitieve capaciteiten in het werkgeheugen voor het leren worden vrijgemaakt. Bijvoorbeeld door onnodige complexiteit en overbodige en/of afleidende informatie te vermijden (Mayer, 2005; Sweller et al., 1998). Een voorbeeld is het split attention principe, dat stelt dat het geïntegreerd presenteren van informatie die bij elkaar hoort (tekst en illustratie bijvoorbeeld) het leren bevordert (Mayer, 2005; Sweller et al., 1998). Dit principe vormde het onderwerp van het onderzoek: in samenwerking met het Cito is gekeken of leerlingen beter scoren op een gedigitaliseerde papieren toets als de toetsvragen volgens het split attention principe zijn vormgegeven. Hiervoor werd een aantal vragen uit het centraal eindexamen Kunst herontworpen, wat leidde tot een gesplitste versie en een geïntegreerde versie van iedere vraag (zie figuur 1).

In het onderzoek is gebruik gemaakt van oogbewegingsregistratie (eye tracking, Holmqvist et al., 2011) om een beeld te krijgen van hoe leerlingen bij het beantwoorden van digitale toetsvragen te werk gaan. Daarbij wordt vastgelegd naar welke informatie de leerling kijkt, in welke volgorde en voor hoe lang. Dat levert informatie op over welke strategie leerlingen hanteren bij de beantwoording van een vraag en hoe ze informatie in de toets cognitief verwerken. Uit deze registraties blijkt bijvoorbeeld dat leerlingen (onder tijdsdruk) vaak een deel van de informatie negeren. Uit de verkregen gegevens over bijvoorbeeld pupilgrootte is de mate van mentale inspanning die de leerling levert af te lezen. Digitale toetsen: waar moet je op letten? – Artikelen – 4W Weten Wat Werkt Waarom


Holmqvist, K., Nyström, M., Andersson, R., Dewhurst, R., Jarodzka, H. & Weijer, J. van de (2011). Eye tracking: A comprehensive guide to methods and measures. Oxford, Verenigd Koninkrijk: Oxford University Press.

Jarodzka, H., Janssen, N., Kirschner, P.A. & Erkens, G. (ingediend). Avoiding split attention in computer-based testing: Is neglecting additional information facilitative?

Mayer, R.E. (2005). Cognitive theory of multimedia learning. In R. Mayer (Red.), The Cambridge handbook of multimedia learning (pp. 31-48). New York, NY: Cambridge University Press.

Mead, A.D. & Drasgow, F. (1993). Equivalence of computerised and paper-and-pencil cognitive ability tests: A meta-analysis. Psychological Bulletin, 114, 449-458.

Sweller, J., Merriënboer, J.J.G. van & Paas, F. (1998). Cognitive architecture and instructional design. Educational Psychological Review, 10, 251-296.

Digitaal formatief toetsen. Tips en apps

Bij nieuwe vormen van leren met ict passen nieuwe manieren van toetsen. Tijd- en plaats onafhankelijk bijvoorbeeld. Of met de mogelijkheid om de toetsen geautomatiseerd na te kijken. Toetsen kunnen worden ingezet met als specifieke doelstelling het ondersteunen van het leerproces, deze toetsen hebben een formatief doel. Bij formatieve toetsen speelt feedback een essentiële rol. De resultaten op een formatieve toets vormen feedback die de leerling en leerkracht zicht geven op ontbrekende kennis of inzichten. Doordat toetsen met een formatieve functie meestal specifiek ontworpen zijn om het leerproces te ondersteunen geven de toetsresultaten doorgaans een meer specifiek beeld van wat een leerling wel en niet kan en kent dan toetsen met een summatieve functie.  bron: Toetsvormen – Kennisnet

 

Digitaal formatief toetsen kansrijk voor leren, maar mist theoretisch fundament

De onderzoekers Dominique Sluijsmans (Universiteit Maastricht), Desirée Joosten-ten Brinke (Open Universiteit) en Cees van der Vleuten (Universiteit Maastricht) voerden een literatuuronderzoek uit naar de effectiviteit van het zogenoemde ‘formatief’ toetsen in het onderwijs: toetsen die verder leren stimuleren. Uit hun NWO-studie blijkt dat formatief toetsen meerwaarde biedt als condities, doelen, methoden en leeruitkomsten op elkaar worden afgestemd. Maar meer onderzoek is nodig.

De onderzoekers hebben vier belangrijke condities gevonden die onontbeerlijk zijn voor een duurzame implementatie van formatief toetsen. Dit zijn naast uiteraard de toetsbekwaamheid van leraren ook het organiseren van effectieve vormen van professionalisering, het stimuleren van een onderzoekende houding jegens de eigen toetspraktijk en het creëren van een leergemeenschap onder leraren. Sluijsmans: ‘Factoren die de meerwaarde van toetsen kunnen bepalen, zijn condities, het doel dat leraren hebben met het toetsen, de keuze van de methode en de te verwachten uitkomsten.’  bron: Formatief toetsen kansrijk voor leren, maar mist theoretisch fundament

 

Formatief digitaal toetsen

Het voordeel van het gebruik van digitale tools om toetsen af te nemen ligt hem vooral in het feit dat hierdoor gebruik kan worden gemaakt van multimediale mogelijkheden: zoals film en audio. Hierdoor kan er realistischer worden getoetst. Een ander voordeel is dat deze toetsen gemakkelijk herbruikbaar zijn. Tot slot is het voordeel dat een student automatisch feedback ontvangt op zijn of haar antwoorden.

Bij het ontwerpen van digitale formatieve toetsen is het geven van goede feedback erg belangrijk. Deze feedback gaat verder dan goed/fout. Zowel bij de foute als goede antwoorden dient te worden aangegeven waarom dit antwoord goed of fout is (bij de afleiders is vaak sprake van een logische denkfout). Men kan hierbij verwijzen naar een bepaald college waarin dit onderwerp aan bod gekomen is of verwijzen naar een hoofdstuk/ passage in een boek. bron: Formatief digitaal toetsen

Digitaal toetsen is interessant wanneer
• Het onderwijsprogramma stabiel is
• Er voldoende tijd beschikbaar is voor het ontwikkelen van een digitale toets
• De frequentie van toetsen hoog is
• De studentenaantallen groot zijn
• Er vooral gebruik wordt gemaakt van gesloten vraagvormen
• Het wenselijk is multimediamateriaal te gebruiken voor toetsing
bron Expertisecentrum – Onderwijstechnologie – Digitaal toetsen


 

digitaal formatief toetsen met the answer pad

Verzamelen van de antwoorden van alle leerlingen voor formatieve assessments via The Anwer Pad

Al een aantal jaar werkt Frans Droog met verschillende student response systemen om toetsen af te nemen of het aanwezige kennisniveau te testen. Al deze systemen hebben zo hun voor- en nadelen en er is dan ook nog steeds de nodige ontwikkeling op dit gebied. Wat ik graag zou willen doen is device-onafhankelijk, in een BYOD omgeving, leerlingen vragen kunnen stellen die op dat moment opkomen en waarop ik van alle leerlingen een antwoord wil. Ofwel digitaal formatief toetsen. Nu is daar The Answer Pad. Deze website lijkt een aantal mooie opties te hebben om dit mogelijk te maken.

Wat is het? The Answer Pad is een ‘enhanced student dialoque system for BYOD”. Het bestaat uit twee afzonderlijke onderdelen: ‘Go Interactive‘ en ‘Answer sheets‘. In beide onderdelen worden de vragen niet digitaal gesteld aan de leerlingen, het gaat alleen om het digitaal antwoorden door de leerlingen waardoor deze antwoorden kunnen worden vastgelegd en geanalyseerd.

De docent ziet op zijn dashboard de antwoorden per leerling verschijnen, alsmede het gemiddelde van de klas. De docent krijgt zo een direct, live overzicht van het begrip bij de individuele leerlingen en de klas. Dit maakt The Answer Pad ideaal voor formatief diagnostisch toetsen. Het geeft de mogelijkheid voor de docent om onmiddellijk op gesignaleerde problemen in te gaan. De docent zie de antwoorden van alle leerlingen, dus inclusief de ‘stille’ leerlingen. Een aangekondigde update zal het ook mogelijk maken om reacties te schrijven op de door de leerlingen gegeven antwoorden en deze naar de leerlingen terug te sturen. Hiermee ontstaat dus een persoonlijk interactief whiteboard ofwel een privé back-channel!

Hoe gebruik je het in de klas? De docent werk altijd via het internet, via een browser. Leerlingen kunnen werken via elke device waarmee zij op het internet kunnen, of via de gratis app TAPit voor de iPad. Bij ‘Go Interactive‘ stelt de docent de vragen mondeling, of bijvoorbeeld via het digibord. Bij ‘Answer Sheets‘ krijgen de leerlingen een papieren test. In dit laatste geval zou de test ook via een pdf bijvoorbeeld ter beschikking kunnen worden gesteld om de leerlingen volledig digitaal te laten werken, of voor leerlingen die op dat moment niet in het lokaal aanwezig zijn.Verzamelen van de antwoorden van alle leerlingen voor formatieve assessments via The Anwer Pad


 

Kahoot! Formatief toetsen middels game

digitaal formatief toetsen met KahootWas gamification 15 jaar geleden nog ‘spielerij’, de laatste jaren komen de elementen steeds meer naar voren tijdens lessen. Leerlingen worden steeds vaker digitaal uitgedaagd, kunnen badges halen en gaan de competitie onderling aan. Met de huidige technieken in de klas is de basis in ieder geval meestal al gelegd.

Een fraaie toepassing die hierop inspeelt is Kahoot! Een relatief nieuwe (en gratis!) tool op de markt die de docent zijn of haar les op een heel eenvoudige manier heel uitdagend kan maken. Ze omschrijven het zelf als ‘game based learning’.Denk aan Socrativemet stemkastjes en een uitdagende spelvorm met tijdsdruk en je hebt Kahoot!

Als de quiz, discussie of survey klaar is, kunnen de leerlingen zich aanmelden via http://kahoo.it waarna ze de pincode die op het grote scherm staat in moeten vullen. Vervolgens vullen ze hun naam in en het feest kan beginnen! Voor elke vraag wordt er afgeteld, al dan niet begeleid door een opzwepend muziekje. Als iedereen geantwoord heeft via zijn device verschijnt het goede antwoord op het grote scherm. De docent kan de quiz automatisch laten verlopen of per vraag de resultaten bespreken.– Kahoot! Formatief toetsen middels game


 

Flipquiz: maak je eigen quizgame.

Formatief digitaal toetsen met maar 1 PC. Dan is Flipquiz een mooie toolFlipquiz is een tool waarmee op eenvoudige en uiterst efficiënte wijze zogenaamde quizboards gemaakt kunnen worden. Een quizboard is een pagina met 6 kolommen van elk 5 kaartjes (= 30 kaartjes). Op de bovenste 6 kaartjes staat het getal 100, op de rijen daaronder respectievelijk 200, 300, 400 en 500. Elk kaartje correspondeert met een vraag, waarbij geldt hoe hoger het getal op het kaartje hoe moeilijker de vraag. Wie een vraag goed beantwoord verdient daarmee het aantal punten dat op het kaartje staat vermeld. Op de site van ict-idee staat o.a.:

  • Zo vraag je een account aan bij Flipquiz.
  • Zo kun je inloggen en weer uitloggen op Flipquiz.
  • Zo maak je een quizgame met Flipquiz.
  • Zo kun je een quiz openen en spelen en delen met anderen.
  • Zo kun je een eerder gemaakte quiz wijzigen of weer verwijderen
    ICT-idee: 185: Flipquiz: maak je eigen quizgame.